Ik moet iets bekennen. Ik heb (nog maar) een halfjaar een smartphone – zo een waar je echt continu verbonden bent met alles en iedereen. Whatsapp, Messenger, Instagram, Facebook en noem maar op. Al die apps heb ik direct geïnstalleerd, onder lichte druk van vrienden. En ik moet zeggen, ik begin het verslavende aspect ervan nu al te voelen. Voor het slapengaan en bij het opstaan sociale media checken, bijna alles willen delen – terwijl ik heel goed weet dat mijn leven niet zo interessant is – en geïrriteerd geraken wanneer mijn vrienden niet binnen het uur antwoorden – terwijl ik zie dat ze mijn appje hebben gelezen.

En tot mijn grote opluchting, zal ik ook niet de enige zijn, die stilaan begint te panikeren wanneer het ding niet meer in het zicht ligt. Want een dag niet gesharet en geliket, is bijna zoals een dag niet geleefd. Het is een intrinsiek deel geworden van het leven. Accept it.

In tegenstelling tot wat je misschien zou denken, heeft die massale drang naar delen zich zich niet pas gemanifesteerd bij de opkomt van het internet en de smartphone.

Bij het opgraven van Pompei – pas rond 1748 werden de eerste opgravingen gedaan, na 1.500 jaar onder het stof bedolven te hebben gelegen – werden er prachtige muurschilderingen gevonden. En ook boodschappen, die doen denken aan graffiti, van dingen die de oude Romeinen blijkbaar wilden delen.

De ontdekte muurschilderingen omvatten niet enkel uitingen – die je op de gemiddelde achterbank van openbare bussen staan gegrift – maar ook reclameboodschappen! Tegenwoordig versieren boodschappen van users én merken de digitale muur – je wall (!).

Maar waarom hebben mensen eigenlijk die drang naar delen?

Uit een enquête van The New York Times blijkt dat vooral het steunen van een doel – eender welk doel – de grootste motivator is (84%) voor shares. 69% deelt info om zich meer verbonden te voelen met wat er gebeurt in de wereld. 78% zei dat ze deelden om relaties te onderhouden en 68% wil zichzelf beter definiëren voor andere users, om een beter beeld te laten zien van zichzelf. De volledige studie vind je hier.

Bij een poll van Ipsos stond het delen van interessante content bovenaan (61%). Belangrijke en grappige content delen een tweede plaats met 43%. Opmerkelijk dat er grote verschillen blijken te zijn tussen landen. Zo zouden Belgen eerder geneigd zijn om grappige content te posten (44%), dan interessante (43%) en belangrijke (28%). In Hongarije daarentegen, staat interessante content (56%) bovenaan, gevolgd door belangrijke (51%) en grappige (37%).

Opvallend is daarbij dat 3 op 10 personen ook zegt content te delen om een product, service, film, boek… aan te prijzen. Laat dat nu net goed nieuws zijn voor alle bedrijven die producten of diensten bij het grote publiek willen brengen. Zij krijgen namelijk gratis zichtbaarheid dankzij die user generated content. En veel rendabelere zichtbaarheid, want de mening van gebruikers wordt veel meer naar waarheid geschat dan die van het bedrijf zelf. Een studie van Crowdtap heeft dat ook bevestigd.

People trust people. Logisch, toch?
Ook in Pompei begrepen ze dat al.

 

User generated content is dus eigenlijk niets nieuws. De manier waarop het nu gebruikt wordt door bedrijven en merken wel. Dankzij de opkomst van verschillende sociale media en nieuwe tools, zoals Flowbox, is het nu mogelijk om specifieke UGC te verzamelen die relevant is voor jouw product, dienst of event. En door die UGC optimaal te gebruiken (we vertellen je hier hoe) verwerf je zo nieuwe fans, leads én nieuwe klanten.

En dat hadden de mensen in Pompei helaas niet.